Drama aan de gang in Chileens Patagonië

10 mei 2011

Patagonië: één van die weinige nagenoeg ongerepte stukken natuur die onze wereld nog rijk is. Vier maanden lang lieten we ons overwelmen door de pracht, de ruwheid van een niet door mensen om zeep geholpen stuk van onze planeet. Onze stoutste verwachtingen werden er overtroffen.

Maar… de Chileense kant van Patagonië is in groot gevaar.

De situatie: In en rond Santiago de Chile, de hoofdstad van Chili, woont het grootste deel van de Chileense bevolking. De levensstandaard is er al bijlange niet slecht en stijgt met de dag. De mensen spiegelen er zich sterk aan de “Westerse” wereld. Eén van de gevolgen: het energieverbruik stijgt razendsnel, zo snel dat Chili het verbruik met de huidige elektriciteitsproductie niet kan bijhouden.

Het plan: Een paar slimmeriken van HydroAysen, een energieproducent uit Chileens Patagonië, roken jaren geleden al hun kans. Zij willen in Patagonië 5 megadammen bouwen op 2 van de belangrijkste rivieren en de opgewekte elektriciteit naar het noorden brengen.

De gevolgen: Door de dammen moet een groot deel van de Patagonische ecosystemen eraan geloven. We spreken over een schaal die wij ons in klein België niet eens kunnen voorstellen. Om de dammen aan te leggen moeten nieuwe wegen getrokken worden door moeilijk toegankelijk gebied, met nog eens vreselijke schade aan de natuur tot gevolg. Wie nog altijd niet overtuigd is dat het om een drama gaat, moet de volgende zin maar eens goed tot zich laten doordringen: om de elektriciteit in het energieverslindende noorden te krijgen, moeten hoogspanningslijnen van maar liefst 2000 (tweeduizend) kilometer lang getrokken worden door wat nu nog nagenoeg volledig ongerept gebied is. Als dit project er komt, evolueert Patagonië op een paar jaar tijd van prachtig ongerept naar ecologisch rampgebied, met onomkeerbare schade…

De huidige evolutie: Ondanks jarenlang protest halen de rijkelui van HydroAysen slag na slag thuis. Gisteren 9 mei 2011 hebben ze hun grootste overwinning tot nu toe behaald: ze kregen van de staat de toelating de dammen te bouwen. In heel Patagonië, maar ook in Santiago, werd massaal betoogd na deze beslissing. Er kwam heelwat politiegeweld aan te pas om de woedende bevolking te “kalmeren”. HydroAysen is er nog niet, maar lijkt helaas stevig op weg om het dammenproject te realiseren. Een mens denkt dan uiteraard niet aan hoeveel dollars de heren die gisteravond “voor” stemden, werd beloofd…

Wie meer te weten wil komen over dit vreselijke project en zijn gevolgen, maar ook de alternatieven, of wie tot actie wil overgaan, bezoekt best deze site:  http://www.patagoniasinrepresas.com. Meer in het Engels vind je op http://www.patagoniasinrepresas.cl/final/index-en.php. Helaas is het meeste materiaal enkel in het Spaans te vinden. Google translate en andere vertaalprogramma’s kunnen helpen voor wie onvoldoende Spaans kent.


Isla Navarino: Circuito Dientes

14 februari 2011

Het ene waaw-uitzicht na het andere, nauwelijks andere mensen, geen paden, hoogstens een spoor, sporadisch wat markering, oneindig veel meren, nog meertjes (en nog meer), wilde natuur met ruwe bergpieken, zichten op het Beagle-kanaal of de eilanden rond Kaap Hoorn, technisch wat moeilijkere passages, oriëntatiewerk,… Moeten we na dit rijtje nog vermelden dat we er weer een absoluut hoogtepunt bijhebben op deze reis?

¡Isla Navarino, eres fantastica!

Even voorstellen
Na wat rusten in Puerto Natales (Chili), reisden we naar “el fin del mundo”: Ushuaia (Argentinië). Dit erg toeristische stadje is onze laatste uitvalsbasis op deze reis. Nog zuidelijker scheiden enkel een paar eilanden Tierra del Fuego van Antartica. Eén van die eilanden, Isla Navarino (Chileens grondgebied) is een absoluut trekkingparadijs. Er raken is moeilijk en duur (zie ook einde van dit verslag) maar voor wie graag trekt zoals wij meer dan de moeite waard. Op het eiland ligt één dorp/ministadje, de toegangspoort tot de paden: Puerto Williams. In het logo van de stad staat fier: “mas alla del fin del mundo” (verder dan het einde van het de wereld). Het Circuito Dientes is één van de mogelijke tochten op het eiland. Die stond al een tijdje in fluo op ons verlanglijstje

Maandag 07 februari
Door problemen met de overzetboot (zie eind van dit verslag) kunnen we pas om 15 uur aan onze gelukkig korte dagetappe beginnen. Na een drietal kwartiertjes dirtroad begint het echte werk: een steeds steilere klim naar de Cerro Bandera (620 m). Een echt pad is er niet, maar het spoor is duidelijk te volgen. Er wordt ons meteen iets duidelijk dat voor de hele tocht zou gelden: de “paden” zijn niet aangelegd en worden  niet onderhouden. Op een eiland dat regelmatig stormen over zich heen krijgt, heeft dat zo zijn gevolgen in een bos…

Het zicht vanop de Cerro Bandera is prachtig. Het Beagle-kanaal ligt aan onze voeten; het einde-van-de-wereld-gevoel is dichtbij. Ten oosten van ons ligt een makkelijk te beklimmen top die waarschijnlijk een zicht op een ander deel van het eiland biedt. Het topje meepikken zou ons echter  gevaarlijk dicht bij het vallen van de nacht in het kamp kunnen brengen, dus laten we ons niet verleiden. Op een steile bergflank traverseren we dieper het eiland in. We krijgen voor het eerst de Dientes de Navarino te zien, de bergketen waar onze tocht rondloopt. We zijn meteen verliefd op dit ruwe, desolate landschap. De traverse technisch moeilijk noemen is te verregaand, maar je bent toch maar beter heel stapzeker op sommige delen. Een uitschuiver kan wel eens een paar honderd meter lager eindigen.

Om halfnegen, een uurtje voor het donker wordt, bereiken we de kampplek aan het Laguna del Salto. Later komt nog een Frans koppel aan, best ervaren trekkers blijkt al snel. Na weken tussen massa’s tenten van “toeristen op basketsloefkes”, voelt dit bijzonder fijn. We zijn weer écht op trekking, yippie! Het wordt een lange en gezellige babbelavond.

Dinsdag 08 februari
De gietende regen ‘s morgens vroeg doet ons beslissen wat later te vertrekken. Een prima keuze, zo blijkt, want het weer wordt schitterend en zal de hele dag zo blijven. Na een kort steil en modderig stuk van de klim, blijven we gestaag stijgen naar de eerste pas van de dag: de Paso Australia. Voor we die halen hebben we al een paar keer met open mond zitten gapen naar al het moois rondom ons. Een wat technischer (bij regenweer waarschijnlijk moeilijk) stuk van de route brengt ons naar de Paso de los Dientes, die alweer een nieuw, ander zicht biedt. We genieten met volle teugen. Cairns en sporadische markeringen leiden ons verder door het “Beloofde Land” naar Laguna Escondida. We kunnen nog wel verder lopen, maar beslissen er te blijven om ten volle te kunnen genieten van de prachtige plek. Hoe vaak zit je aan een helder meer, tussen ruwe bergtoppen, met zicht op de Bahia Windhond en de eilanden rond Kaap Hoorn?

De tent zetten we een stukje lager dan het meer, zo goed mogelijk beschut tussen wat lenga-struiken. Wat verderop staat een behoorlijk grote beverdam. Prachtig om zien, dat wel, maar het stukgevreten bos errond is wat minder. Hierbij moet vermeld dat hier oorspronkelijk geen bevers leefden. Die zijn in de jaren ’40 door mensen geïntroduceerd, met massale vernietiging van de lengabossen rond de meren tot gevolg. (Noot: In Ushuaia verkopen enkele tour-operators tochten naar beverdammen als “ECO-toerisme”. Wie even nadenkt… “RAMPtoerisme” staat nu eenmaal niet zo mooi op je uithangbord…)

In de loop van de namiddag komen onze Franse kameraden voorbij. Zij lopen door. Het is meteen de laatste keer dat we op deze tocht mensen zullen zien…

Woensdag 09 februari
Ondanks de behoorlijke beschutting hebben wind en regen de tent de hele nacht gegeseld. Veel geslapen hebben we door het natuurgeweld niet gedaan. Tegen de ochtend is het weer echter opnieuw prima. We klimmen naar de Paso Ventarrón, waar we opnieuw een prachtig zicht hebben. Naar het zuiden toe zien we nog steeds Bahia en Lago Windhond en de eilanden rond Kaap Hoorn. Naar het noorden kijken we neer op een schitterende vallei vol meertjes, helaas ook met duidelijk vernielingswerk door bevers.

Een paar kilometer verder vinden we een goed beschutte kampplek aan Laguna Martillo. Het is nog 14 uur en we bestuderen een paar mogelijke extra’s die we rond dit meer kunnen doen. Vooral een top naast (en bijna even hoog als) de Cerro Clem trekt onze aandacht. Die lijkt best beklimbaar en is waarschijnlijk een goed uitzichtspunt. Plots binnendrijvende grijze wolken doen ons afzien van een toppoging. We brengen de namiddag dan maar genietend aan het meer door.

‘s Avonds klaart het dan toch weer uit, zonder geregend te hebben. Voor “onze top” is het te laat en Hanne is al wat in slaapstand geraakt. Steven doet dan maar in zijn eentje een eenvoudig tochtje naar het plateau ten oosten van Laguna Martillo. Op dat plateau ligt Laguna Guerrico, best groot maar op zich niet bijzonder spectaculair. De setting van het meer zorgt echter voor nog meer einde-van-de-wereldgevoel. Ook de zichten op de Montes Lindenmayer, de Cerro Clem en het Laguna Martillo in de diepte zijn prachtig. Vanop het hoge punt is ook de duidelijke route naar de top naast Cerro Clem goed zichtbaar. Misschien, als het weer morgen wat meewil…

Donderdag 10 februari
Het weer is niet schitterend, maar nu wel goed genoeg voor een toppoging. We volgen het Dientes-circuit een stukje terug tot marker 25 uit de Dientes-beschrijving. Van daar trekken we min of meer zuidwaarts, naar een duidelijke pas tussen de top naast Laguna Hermosa en de top die we willen beklimmen (de pas ligt op S 55°00’59.7” W 067°45’49.7”). Van daar volgen we de vrij makkelijk bewandelbare graat naar de top, die ligt op S 55°00’44.8” W 067°46’47.7” en volgens zowel hoogtemeter als GPS 887 meter hoog is. We hebben ongeveer 1 uur en 15 minuten (stevig tempo) nodig om vanuit het kamp boven te raken.

De top biedt alles wat er van verwacht hadden. Het uitzicht is gran-di-oos. In het oosten zien we de Dientes nog eens, naar het westen zien de besneeuwde pieken op het onbewoonde Isla Hoste. Dichterbij, diep onder ons, krijgen we nog maar eens prachtige zichten op typische Isla Navarino-landschappen.

Wat volgt is een goed voorbeeld van hoe snel het weer op dit eiland kan omslaan. Tijdens de afdaling (zelfde route als klim) begint het wat te regenen. De lucht is donkergrijs, de gevoelstemperatuur geen 10 graden. Een half uur later in het kamp zien we enkel blauwe hemel en haalt de gevoelstemperatuur makkelijk 30 graden… Na wat luieren in de zon, breken we het kamp op en vervolgen we het normale Circuito Dientes. De eerste uren gaan door typische lengabossen en langs alweer enkele meertjes. De Montes Lindenmayer zijn vanaf hier gezien op hun mooist, vinden wij. (Noot: De routes beschreven in Bienes Nacionales en Lonely Planet verschillen een stukje. Wij volgen de Bienes-route, die een kort maar erg gevaarlijk steil stukje heeft. Dat stuk zal door erosie enkel nog gevaarlijker worden. Onze tip: volg de Lonely Planet-beschrijving. Je komt dan niet voorbij aan de marker met nummer 30.)

Het eerste deel van de klim naar de Paso Virginia is bijzonder modderig. Een paar keer moet kort maar stevig geklauterd worden op de erg uitgeërodeerde route. Wie makkelijke paadjes wil, gaat beter naar Torres del Paine… De afwisseling in terrein maken deze klim toch wel een belevenis. Na de modder en het geklauter in het bos komt een stukje over “normaal” puin, waarna je plots op een uitgestrekt, licht hellend en volledig kaal plateau belandt. De knappe rotswoestijn leidt uiteindelijk tot de pas waar we overmoeten. Wie hier loopt bij slecht zicht, komt er niet uit zonder nauwkeurig kompas of GPS-werk.

Het zicht vanop de Paso Virginia zorgt voor de zoveelste keer “kriebels in de buik” op deze tocht. Voor ons ligt een diepe, smalle vallei met een merenlint dat uitkomt in het Beagle-kanaal. Rond het bovenste deel van de vallei hangen nog grote resten van de winterse sneeuwluifels. Na een tijdje genieten beginnen we aan de steile afdaling naar Laguna Los Guanacos. Het grootste deel van die afdaling gaat over fijn puin, ideaal voor wat “scree skiing”: big fun! Kamperen doen we nog een meertje verder, goed beschut in het bos.

Vrijdag 11 februari
Dichte mist maakt de oriëntatie al van in het begin van de dag een stukje spannender. Het spoor van Laguna Las Guanacas (waar we kampeerden) naar het lager liggende plateau vinden we nog vrij makkelijk, maar daarna worden onze oriëntatiekunsten op de proef gesteld. Een totaal fout geplaatste cairn brengt ons even op een dwaalspoor, maar een stevig stukje “bushwacken” later vinden we opnieuw markeringen (S 54°56’51.8”, W 067°44’35.4”). In het erg modderige bos zoeken we ons door en langs modderpoelen en over erg veel omgevallen bomen een weg van markering tot markering. Na een tijdje lijkt er plots geen markering meer te zijn, maar het duidelijke spoor is makkelijk te volgen. Dat spoor brengt ons wat later bij een rivier. Te zien aan de sporen aan de overkant, wagen heelwat mensen zich hier aan een niet ongevaarlijke oversteek. Wij ruiken onraad. Dit klopt helemaal niet met de beschrijving, de kaart en de GPS-gegevens. We beslissen terug te keren naar de laatste markering die we zagen. Wat zoekwerk rond dat punt levert de gehoopte oplossing: we vinden de volgende markering. Die stuurt ons een heel andere richting uit dan het spoor, gemaakt door mensen die allemaal fout liepen… Straffer: langs de juiste route staan sporen van welgeteld 2 mensen… (locatie van markering na verwarrend punt: S 54°56’48.4” W 067°44’26.3”) Een uurtje kruipen over bomen en zoeken naar markeringen later komen we aan de rand van het bos. De mist trekt intussen op en we krijgen het zoveelste adembenemende zicht van de tocht. Deze keer zitten we zowat 300 m boven het Beagle-kanaal met onder ons de prachtige Bahia Virginia en de Caleta MacLean. De bertoppen op Tierra del Fuego maken het waaw-uitzicht helemaal af. Na uitgebreid genieten zoeken we ons een weg door open (afgebrand) bos naar de Pesquera MacLean, een oude fabriek ( S 54° 56’25.9” W 067°42’41.5”). Er zijn geen pad of markeringen meer in dit deel, maar bij goed zicht of met behulp van voorgaand GPS-punt levert de afdaling niet echt problemen op. In tegendeel: wij voelden dit stuk als een waardige afsluiter van de “wilde” Dientes-tocht. Van aan de fabriek genieten we nog een kleine 8 km na op de dirtroad die ons naar Puerto Williams brengt.

Aaah, wat een zalige tocht…

Ter informatie
Deze tocht staat goed beschreven in de Lonely Planet-gids “Trekking in the Patagonian Andes”. Een prima, zeer gedetailleerde aanvulling met heelwat GPS-waypoints is te vinden op http://www.bienes.cl/sitioweb2009/recursos/nuevas_rutas/docs/01.pdf

De tocht is prima te doen op 4 en, voor trekkers met een stevige conditie, zelfs op 3 dagen. Waarom je minder dagen zou nemen voor de tocht, is echter een vraag die wij niet kunnen beantwoorden…

Ushuaia Boating…
is het enige bedrijfje dat de verbinding Ushuaia – Puerto Williams verzorgt. Tot voor kort kon je deze trip ook met een vliegtuigje doen, maar ook dat zou (voorlopig) verleden tijd zijn. Ushuaia Boating vraagt momenteel de schandalig hoge prijs van ARS 490  (zo’n 90 euro) per persoon, enkele rit, voor een klein halfuurtje boot en een klein uurtje bus. De bijzonder slechte service heeft ons tot 2 maal toe bijna in “problemen” gebracht. Om een lang verhaal kort te maken:

- Door een fout in de boeking voor de heenvaart, kunnen we pas om 11 uur i.p.v. 9.30 uur vertrekken. Op zich geen ramp, maar door heelwat meer vertraging op verschillende punten, kunnen we pas om 15 uur beginnen stappen (i.p.v. de ons beloofde 11.30 uur)
- De boeking voor de terugvaart was in Ushuaia vastgelegd op zaterdag om 16 uur. Bij aankomst dubbelchecken we dit even en krijgen te horen dat de boot terug al om 9 uur ´s morgens is. We verliezen met andere woorden een hele dag op het eiland. Wanneer we terugkomen van de tocht (noodgedwongen al vrijdagavond) gaan we voor de triple-check en krijgen we te horen dat het uur van vertrek is veranderd naar 12 uur… Een mens krijgt van minder het gevoel dat er met zijn voeten wordt gespeeld…
- We zijn uiteindelijk bij de “gelukkigen” die voor de terugkeer directe aansluiting hebben tussen bus en boot. Door alweer een foute boeking staan enkele andere mensen urenlang te wachten op de boot…

Alternatieven vanuit Ushuaia zijn er voorlopig niet. Een manier om de miserie te vermijden is varen of vliegen vanuit Punta Arenas. Dat kost je ongeveer even veel als varen vanuit Ushuaia, al gaat het hier over een veel grote afstand.

Foto’s…

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.


P.N. Torres del Paine

3 februari 2011

Het volledige circuit rond het Paine-massief in het beroemde Parque Nacional Torres del Paine heeft al jaren zijn plek in de top 10 van trekkings op wereldvlak. Deze tocht mocht dus ook niet op ons Patagonisch lijstje ontbreken.

Maandag 24 januari
Om niet meteen in de massa bezoekers aan het park terecht te komen, willen we graag op een alternatief startpunt beginnen: Hosteria Balmaceda. Die plek is enkel bereikbaar met de boot. We varen daarom mee met een boot die eigenlijk een dagexcursie heen en terug naar ons startpunt maakt.

We varen rustig uit, niets bijzonder
Na 45 min varen komen er wat golfjes. De boot deint wat op en neer. Plezant.
5 minuten later: Laat de -je maar van golfjes. Behoorlijke golven zwiepen de toch niet zo kleine boot behoorlijk op en neer. Hier en daar een gilletje bij de andere toeristen.
nog 5 minuten later: Hoge golven veranderen de boot stilaan in een pretparkattractie. Een paar mensen zijn er niet meer gerust in. Wij wel: zo lang het personeel van de boot rustig blijven, zal het wel normaal zijn.
nog 5 minuten later: Als we voor ons kijken, zien we afwisselend alleen maar lucht en dan weer alleen maar water… We gaan niet meer over de golven, maar DOOR de golven. Na sommige golven “vliegen” we even, waarna de boot weer met een klap op het water neerkomt. De kapitein en de gids zijn er duidelijk zelf niet meer gerust in. Het dametje dat snacks en dranken verkoopt is intussen een plek gaan zoeken om haar maag te ledigen… Water begint stilaan langs alle kanten binnen te komen. De kapitein heeft al beslist dat we niet doorgaan en terugkeren naar de haven. Helaas is dat makkelijker gezegd dan gedaan, want het wil zeggen dat we tijdens het draaimanoeuvre even dwars komen te staan op de golven waar we nu recht doorvaren… De hel duurt dus nog een paar minuutjes langer. Ons lichte paniek-gehalte stijgt naarmate de kleur van de gids (die dit tripje dagelijks doet) witter wordt. Toch even checken waar die reddingsvest juist zit.
nog 5 minuten later: in een enorm scherp draaimanoeuvre op volle kracht keren we 180 graden. Even de adem inhouden.
We varen nu terug in de richting waarin de golven gaan en daardoor is de boot gelukkig een stuk stabieler.

Terug aan wal blijken onze rugzakken, die in het ruim lagen, doorweekt. Gelukkig waren de belangrijkste zaken, zoals slaapzakken en kleren, goed waterdicht ingepakt. Aangezien voor morgen het zelfde weer wordt voorspeld, besluiten we  af te zien van het alternatieve startplan. Morgenvroeg nemen we gewoon met alle andere toeristen de bus naar het park.

Dinsdag 25  januari
Die bus zet ons af aan het Laguna Amarga, waar een paar guanacos vredig staan te grazen. Het weer is schitterend (maar er  staat uiteraard wel veel wind). Over prachtige Patagonische steppe, door afgebrande en later ook groene bossen wandelen we naar de eerste kampplek: Campamento Seron. Het pad is eenvoudig en rustig (ook dit is een “alternatieve” aanlooproute), onze eerste heldere zichten op de Torres subliem. Voor alle duidelijkheid: de Torres del Paine zijn 3 granieten torens waarnaar het park is genoemd.

Woensdag 26 januari
Door bossen en over open stukken lopen we verder door de brede Rio Paine-vallei.  We vertrekken op ons normale tijdstip (zowat 7.30 uur) maar dat is erg vroeg naar TdP-normen. Het gevolg is dat we het pad urenlang voor ons alleen hebben. We kunnen daardoor wat rustiger van de wijdse, prachtige landschappen genieten. Rond halftwee zijn we aan Campamento Dickson. We kunnen eigenlijk probleemloos nog een kamp verder lopen, maar besluiten te blijven. Ondanks de schitterende zichten over het Lago Dickson met in de verte de Glaciar Dickson, krijgen we later in de namiddag spijt van de beslissing niet door te lopen. Duizenden muggen maken het kamperen een stuk minder aangenaam. Te laat…

Donderdag 27 januari
In de gietende regen lopen we door dicht bos tot Campamento Perros. Tussen de wolken door krijgen we even de Perros-gletsjer te zien, nu mooi, bij mooi weer ongetwijfeld schitterend. We drogen even op in de shelter van de kampplek en overleggen over wat ons te doen staat: doorgaan of niet? De stijgende barometer en het duidelijk opentrekken van de bewolking  doen ons beslissen een poging te wagen.

Het sowieso al modderige stuk na Campamento Perros is door de regen veranderd in een vreselijke modderpoel . Anderhalf uur ploeteren later komen we boven de boomgrens en is die miserie voorbij. Het weer wordt steeds beter en het is zowaar eens nagenoeg windstil. Voor het eerste op deze trek hebben we wat “hooggebergtegevoel” door het kale, rotsachtige landschap met hier en daar sneeuwresten en de knappe Amistadt-gletsjer.

Volgens veel reisgidsen is het eerste zicht op de Grey-gletsjer vanop de Paso John Gardner een absoluut hoogtepunt van een trip naar Patagonië. We begrijpen waarom. Wij hebben daarbij nog eens het geluk op een zeldzaam windstil moment op de pas te zitten, waardoor we een hele tijd naar de ongelooflijk grote ijsmassa kunnen staren. Prachtig!

Door de regen is de afdaling van de pas glad, maar bijlange niet zo gevaarlijk als in veel gidsen wordt beweerd (o.a. door relingen, trappen en touwen). Tot onze eigen verbazing beginnen we mensen in te halen die uren voor ons uit  Campamento Perros zijn vertrokken, maar duidelijk niet gewoon zijn een wat steilere afdaling te doen.

‘s Avonds in Campamento Paso krijgen we opnieuw regen, maar  de gezellige babbels die we hebben in de shelter doen die al gauw vergeten.

Vrijdag 28 januari
Het pad tussen Campamento Paso en  Campamento Guardas  staat beschreven als een moeilijk stuk van de tocht, maar stalen ladders op de moeilijkste passages  hebben daar verandering in gebracht. Niets moeilijk meer aan… De zichten op Grey-gletsjer, waar we de hele tijd naast lopen, blijven super. We nemen uitgebreid de tijd om een paar zijpaadjes naar uitzichtspunten te nemen.

Eens Refugio Grey voorbij sluit het volledige circuit aan op de W-tocht, die door veel, heel veel meer mensen wordt gelopen. We hebben het even moeilijk met het “massatoerisme” waarin we terecht komen, vooral met het gedrag van mensen die eigenlijk niet in de bergen thuishoren… We kunnen er ons gelukkig overzetten nog voor we aan HET toeristische bolwerk van het park zijn: de Paine Grande Lodge, vlakbij de vroegere Refugio Pehoé. We krijgen er onze eerste zichten op de Cuernos de Paine, de ongelooflijk knappe “rotshorens” die op oneindig veel foto’s staan.

We maken er een fijne avond van in 2 delen. We vinden een geweldig plekje voor de tent, zowat 50 meter weg van alle andere kampplekken en helemaal aan de oostzijde van het campamento. Als we oostwaarts kijken, zien we enkel de machtige, verijsde top van de Paine Grande en de Cuernos. Rust, een knap bergzicht, natuur: om stil van te worden. Als we ons omdraaien zien we de vreselijk grote Paine Grande Lodge en de kampplek waar de gekste dingen zien gebeuren. Veel mensen die er kamperen, doen dat voor het eerst in hun leven, wat hilarische toestanden oplevert. Entertainment gegarandeerd dus. Voor wat oefening voor uw lachspieren: zie het eind van dit verslag.

Zaterdag 29 januari
Alweer gietende regen begeleidt ons naar Campamento Italiano , waar we aankomen op het moment dat de meeste mensen nog wakker moeten worden. Terwijl het stopt met regenen en de hemel enigszins opentrekt, klimmen we de Valle Francés in. De zichten op gletjsers die van de Paine Grande komen, zijn subliem. Regelmatig donderden ijsblokken naar beneden. Aan de andere kant van de vallei zorgen de prachtige granieten wanden van de Cuernos voor steeds adembenemendere zichten. Na een paar uurtjes erg rustigaan, bereiken we rond 14 uur Campamento Britanico. We maken kamp en trekken later in de namiddag nog wat hoger de vallei in, een tochtje dat nog meer sublieme zichten oplevert. We weten niet waar eerst te kijken…

Die avond staan er in Campamento Britanico welgeteld 4 tenten met mensen en 1 lege (vermoedelijk van klimmers), terwijl ze lager in het makkelijker bereikbare Italiano met honderden mensen op elkaar gepropt staan. Typisch…

Zondag 30 januari
Slecht weer jaagt ons de Valle Francés uit. Eens we opnieuw Campamento Italiano zijn gepasseerd, verandert het landschap weer helemaal. We krijgen nu vooral open zichten over de meren van het park. Na een paar uurtjes rustig wandelen komen we aan in Campamento Cuernos, waar we de rest van de dag luierend doorbrengen.

Maandag 31 januari
Vandaag lopen we de Valle Ascencio in, de vallei die naar de Torres del Paine zelf leidt. Vanzelfsprekend delen we hier het pad met een paar honderden andere mensen. Tot onze verbazing vinden we makkelijk een plekje in Campamento Torres, aan de voet van de finale klim naar het uitzichtspunt op de torens. Het is prachtig weer en dus laten we de kans om de torens vandaag nog te zien, niet liggen. De klim naar het uitzichtspunt blijkt steil, maar in tegenstelling tot wat in sommige reisgidsen wordt beweerd, is het technisch een makkie. Klauteren komt er voor een ietwat geoefende trekker helemaal niet aan te pas. Van op het uitzichtspunt klimmen we nog wat verder over de morene naar een eenzaam plekje, van waar we een hele tijd liggen te gapen naar de terecht beroemde Torres.

Dinsdag 1 februari
Wanneer we ‘s nachts om 04.45 uur opstaan, is het al duidelijk dat de “magische” zonsopkomst op de Torres niet voor vandaag zal zijn: het is zwaarbewolkt. We beslissen om toch nog maar eens naar boven te klimmen, wie weet trekt het wat open. Dat doet het uiteindelijk niet… De torens laten zich af en toe  wel eens helemaal zien, maar of het de moeite was daarvoor zo vroeg uit de slaapzakken te kruipen?

Het antwoord komt iets later. Net voor we weer willen afdalen, worden we getrakteerd op een fenomeen dat we in al onze jaren bergen nog nooit hebben gezien: bergsturz! Er klinkt een enorme knal in de vallei (die tot kilometers ver hoorbaar was, zou later blijken). Ons eerste idee is een afbrekende serac van een gletsjer, maar dat kan hier niet! Een fractie van een seconde later hebben we door dat het geen brok ijs is, maar een stuk graniet van waarschijnlijk minstens 100 bij 50 meter dat van de flank van de Torre Norte naar beneden duikt. We geloven onze ogen niet als we het stuk  in een grote wolk van gruis uit elkaar zien knallen op de rots en de gletsjer onder de toren. In de minuten erna blijven grote stukken graniet van de  instabiele wand loskomen. Indien er klimmers op de Torre hadden gezeten, hadden ze geen schijn van kans gehad dit te overleven…

Later breken we het kamp op en lopen we het laatste stuk van onze tocht tot Refugio Las Torres. Ondanks wisselvallig weer genieten we van onze laatste uitzichten op het park. In de loop van de namiddag staan we weer in Puerto Natales.

Ons gedacht over deze wereldberoemde tocht…
200 000 Bezoekers per jaar: is Torres del Paine de hele heisa rond het park wel waard? Laat ons maar meteen duidelijk zijn: op zich is TdP inderdaad een fantastisch stuk natuur. Het park is een samenvatting van nagenoeg alles wat Patagonië te bieden heeft: de steppe, de lenga- en coigue-bossen, kleine en gigantische gletsjers, meren in alle kleuren, bergwoestijnen, ruwe, machtige bergtoppen, condors, guanacos en andere bergbeesten. Wie het volledige circuit loopt, krijgt al dit moois te zien. Het weer is werkelijk zoals beschreven in de boekjes. In de zomer zal het nagenoeg altijd hard waaien, alle dagen regenen, maar zal je even goed alle dagen wat zon te zien krijgen. Alle ingrediënten voor de perfecte trektocht dus.

Of toch niet helemaal… Wie afgelegen, wilde trekkings gewoon is, zal toch ook zijn bedenkingen hebben in het toeristische hoogseizoen. De paden zijn (voor ervaren trekkers) eenvoudig en waar er tot voor kort een moeilijker stukje zat, is met touwen, trappen en/of een stalen constructie gezorgd voor een eenvoudige oplossing. De technische uitdaging van deze tocht is dus nul (nog eens: voor ervaren trekkers). Op de “achterkant” van het circuito liepen wij met een honderdtal andere mensen, eens op de W zijn dat er makkelijk 300 en meer. Daaronder zijn heelwat toeristen die zelden tot nooit hiken en slecht of niet voorbereid in het park rondhangen. Er gebeuren elk jaar ongelukken (al worden die zo goed mogelijk verzwegen) maar het verwondert ons eigenlijk dat het er niet meer zijn. Daarbij komen nog eens de winkeltjes, refugios, lodges (er wordt alweer een nieuwe, erg grote gebouwd in de buurt van de Refugio Grey), massakampplekken en hotels die je onderweg tegenkomt. Ook die doen niet echt goed aan het “echte” gevoel op trekking te zijn.

Wij hadden soms het gevoel rond te lopen in een (prachtige !) dierentuin, maar dan met landschappen in plaats van dieren. De landschappen zijn prachtig om naar te kijken, maar je loopt veilig op de wegjes tussen de “kooien” en de beschaving is nooit ver weg.

Dit is onze persoonlijke mening. We willen benadrukken dat we dit schrijven na maanden van “wilde” trekkings in de Andes, zonder markeringen, hutten, mensen of andere sporen van beschaving. Met andere woorden: we zijn momenteel rotverwende kindjes.

Voor ervaren trekkers: ondanks bovenstaande commentaar mag je TdP absoluut niet missen op een Patagonië-reis, maar probeer het park te vermijden in januari en februari, de drukste maanden. Zonder het massatoerisme moet dit park gewoon subliem zijn.

Voor niet-ervaren trekkers die eens een steviger avontuur zoeken is zelfs het volledige circuit een haalbare kaart. Onderschat het fysieke aspect niet. Kom net wel in de maanden met wat meer volk, zodat je makkelijk aan hulp raakt indien nodig. Je grootste vijand is waarschijnlijk het weer: bereid je voor op, zoals dat zo mooi heet, “4 seizoenen in 1 dag”.

En dan was er nog dit:
Mensen die wel wat trekking gewoon zijn, kunnen zich ergeren aan of zich amuseren met de toestanden die je in TdP in het hoogseizoen tegenkomt… Wij raden het laatste aan!

-tegengekomen op het grote circuit: mevrouw met 2 jeansbroeken, 10 cm dikke luchtmatras (inclusief voetpomp om ze op te blazen), badhanddoeken van 2x1m en een hamer (om de haken van de tent in de grond te slaan).
-ook op het grote circuit: meneer met elektrisch scheerapparaat en haargel.
-nog op het grote circuit: koppel dat zo onzeker en traag vooruitkwam dat ze 11 uur deden over de etappe Perros – Paso en maar net voor het donker in het kamp raakten. (Wij deden de etappe in 5,5 uur met uitgebreide rust- en genietpauzes.)
-op de afdaling van de John Gardner-pas: vrouw die er fysiek zo erg doorzat dat ze in tranen uitbarstte, herhaaldelijk riep dat ze niet meer verder ging en haar waterfles naar het hoofd van manlief keilde. Fijn, zo samen op vakantie.
-Terwijl we zitten te koken aan de de Paine Grande Lodge horen we plots tak-tak-tak-tak… Het bleek een groep Fransen die hun valiezen op wieltjes over de houten paadjes richting tent trokken…

Foto’s

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.