Kers nummer 231 op onze Zuid-Amerikaanse taart, een prachtig slot van onze eerste trip door de Andes.
Even voorstellen
In de Lonely Planet “Trekking in the Patagonian Andes” staat een tochtbeschrijving van het Circuito Sierra Valdivieso. Die lus ligt slechts op zowat 15 kilometer van Ushuaia, maar is bijzonder ruig en weinig belopen. Paden of markeringen zijn er op een klein stukje na niet en weinig mensen wagen zich aan deze als moeilijk gequoteerde tocht. Voor wie het nog wat meer mag zijn, bestaat de mogelijkheid om deze tocht uit te breiden met een extra (nog heelwat moeilijkere) lus tot het Lago Kami. Dat leek ons wel wat…
Dinsdag 15 februari
Een taxi zet ons af aan het moeilijk te herkennen startpunt op de Ruta Nacional 3 (tip: het GPS-startpunt uit LP is handig!). Het eerste stukje van de tocht gaat over een erg modderig, oud 4×4-wegje. Het lijkt een paar keer te verdwijnen bij het doorkruisen van mallins, maar mede door de aanwijzingen in de LP, pikken we het steeds makkelijk terug op. Na ongeveer een uur en drie kwartier staan we aan de Refugio Bonete, een onbemand houten hutje, prima in geval van nood.
Hier begint het echte werk. Vanaf hier zijn er geen paden meer en tot de laatste dag zal dat zo blijven. Sporadisch kan een spoor gevolgd worden, vaker getrokken door dieren dan mensen. We lopen de Bonete-vallei verder in en zoeken ons een weg door bossen en over erg nat veen. Een vos houdt ons een tijdje gezelschap. De landschappen zijn erg knap, maar vooral het gevoel in de “wilde” natuur te zijn, maakt het wandelen fijn.
Aan de voet van de Paso Beban Este twijfelen we even: de tochtbeschrijving kan hier op verschillende manieren worden geïnterpreteerd. We klimmen uiteindelijk toch door de juiste geul naar de juiste pas (S 54°39’44.33” W 068°13’07.9”), van waar we een prachtig zicht hebben op de vallei waaruit we komen. Een traverse over puin brengt ons bij de Paso Beban Oeste. Het zicht mag er alweer zijn, dit keer vooral op de vallei tussen de 2 passen. We dalen de Rio Torito vallei in, aanvankelijk over puin dat gaandeweg plaats maakt voor nat bos. Na een uurtje in de gietende regen beslissen we een stukje voor de Salto del Azul te kamperen. (Noot: een betere kampplek ligt een stukje verder, net voor de Salto, op S 54°38’21.6” W 068°16’35.7”)
Woensdag 16 februari
Sporen en eenvoudig bergterrein brengen ons tot het punt waar de Lonely Planet-route richting Paso Mariposa draait. Van de kilometers die ons scheiden van Lago Kami (ook Fagnano genoemd) hebben we nagenoeg geen informatie. Slechts een handjevol mensen per jaar proberen deze route… Volgens sommige bronnen zou er ooit een pad zijn geweest, waarvan nog delen te vinden zijn. Wij vinden ze in alle geval niet.
Waar de Rio Torito een scherpe bocht naar rechts maakt tegen een rotswand, klimmen we door een steile geul wat hoger naar een plateau aan de linkerkant (W). Het is even zwaar bushwacken om door de dichte struiken en bomen te raken. Eens we op het plateau zijn, schieten we een tijdje goed op. We genieten van de prachtige uitzichten op het Lago Kami in de verte. Het volgende probleem stelt zich aan de rand van het plateau: hoe raken we weer beneden?We bestuderen enkele opties en besluiten uiteindelijk een poging te wagen dicht tegen de plek waar de rivier zich als een waterval naar beneden stort. Er komt IIe graads rotsklauteren aan te pas om beneden te raken. Na een stukje over grassige vlaktes en door relatief eenvoudig bos, staan we weer voor een steile wand. Aan de overkant van de rivier ziet het terrein er een stuk doenbaarder uit. We lopen een stukje terug en doorwaden de Rio Torito. Door het open bos maken we goede vooruitgang. Eens we in het grote vlakke einddeel van de vallei zijn, beslissen we onmiddellijk westwaarts te trekken naar de Bahia de los Renos. Door niet eerst naar Bahia Torito te lopen, hopen we een pak tijd te winnen.
We doorwaden opnieuw de Rio Torito en zoeken ons, geholpen door de GPS en de kaart, een weg naar de baai. Onverwachte richels, dicht struikgewas en land dat door bevers onder water is gezet, zorgen voor een laag tempo. Geduld en goed oriëntatiewerk brengen ons uiteindelijk toch sneller dan verwacht aan de Bahia de los Renos. We nemen uitgebreid de tijd om te genieten van deze afgelegen, ongerepte baai.
Om wat tijd te winnen voor de zware etappe van morgen, trekken we later nog een uurtje de vallei achter de baai in. Van dit stuk van onze tocht hebben we een heel oude beschrijving van Clem Lindenmayer (uit 1992) kunnen bemachtigen. Zijn beschrijving en ons “berggevoel” spreken elkaar echter tegen. Ons “berggevoel” kiest een hogere route, aan de oostkant van de vallei, om aan het eerste meer in de vallei te komen. Het is alweer zwaar bushwacken, maar doenbaar en relatief kort. Aan het meer vinden we een goed beschut kampplekje. In het zonnetje hebben we een prachtige avond. Het zicht is super, het einde-van-de-wereldgevoel totaal.
Donderdag 17 februari
Na een opwarmstukje rond de oostoever van het meer begint het echte werk: urenlang zoeken we ons een weg door dicht bos, met regelmatig een regenbui erbovenop. Aanvankelijk doen we dat dicht bij de rivier, waar ook af en toe een dierenspoor gevolgd kan worden. Later, waar de rivier zich een paar keer van steile rotsen stort, vinden we wat oostelijker doorgangen. Het tweede meer in de vallei halen voelt wat als een overwinning: we zijn goed bezig! Een prachtige waterval maakt het knappe uitzicht compleet.
We bestuderen de flank achter het meer en besluiten een route linksom te proberen (oostwaarts kan je door het bos het grootste deel van het hoogteverschil overwinnen). De wand ziet er enigszins ingewikkeld uit maar valt uiteindelijk goed mee. We raken relatief makkelijk aan het derde meer. Boven Laguna Mariposa (het vierde meer) raken is wat ingewikkelder door allerlei graten en zijvalleitjes. We onderbreken regelmatig het zoekwerk om te genieten van de schitterende zichten op de vallei en het Lago Kami, intussen ver achter ons.
Aan een met gras begroeide geul pikken we terug de LP-route op, die naar de Paso Cinco Lagunas (of Paso Valdivieso) leidt. Een paar cairns en hier en daar een spoor maken de oriëntatie terug een stuk makkelijker. Van de gletsjer boven de pas blijft intussen helaas niet veel meer over. Na het oversteken van de pas dalen we naar Laguna Valdivieso, waar we een bever zien. De afdaling gaat verder over eenvoudig rots- en modderterrein aan de rechterkant (W) van de beek. Eens onder de boomgrens leidt een duidelijk, modderig spoor naar de Carbajal-vallei. We maken kamp aan de Rio Olivia.
Na 21 uur, in het halfduister, bevestigen 3 Israëli’s dat zelfs de “gewone” LP-route niet van de poes is: ze komen meer dood dan levend het kamp binnengestrompeld na een dagje op de dool. Ze zetten hun tent wat verder aan de overkant van de rivier, net buiten ons zicht.
Vrijdag 18 februari
De dag begint met een zeer onaangename verrassing: het kampvuur van de Israëli’s brandt nog in alle hevigheid, terwijl zij zelf al meer dan een uur geleden vertrokken zijn. Gloeiend hete kooltjes liggen verspreid rond het vuur, weggeblazen door de krachtige wind, midden tussen massa’s droog hout. We blijven erbij: het gevaarlijkste dier dat we op 8 maanden Zuid-Amerika ontmoet hebben, is de mens. We steken de rivier maar over en hebben meer dan een kwartier en liters water nodig om het vuur helemaal gedoofd te krijgen.
Nu we toch op rechteroever van de Rio Olivia staan, proberen we aan deze kant verder te raken, in tegenstelling tot wat in de LP wordt aangeraden. We snappen waarom… Na 3 uur door zwaar terrein, met veel “verdoemes” en “miljaars”, steken we toch maar weer over naar de linkeroever. Hier is het een stuk makkelijker lopen dankzij sporen die rond de grootste obstakels leiden. De laatste kilometers voor Laguna Arco Iris zijn weer wat gecompliceerder. Door recent beverwerk staan alle sporen (diep) onder water en moeten er oplossingen worden gezocht. Alleen geduld en volharding kunnen ons redden…
Tussen alle beververwensingen en stortbuien door, genieten we van de zonnige momenten en de knappe uitzichten op de vallei. Op een brede, oude, beboste morenerug naast Laguna Arco Iris maken we het laatste kamp van deze reis.
Zaterdag 19 februari
Een half uurtje over veen en door struiken brengen ons bij de laatste moeilijkheid van de tocht: de finale doorwading van de Rio Olivia. We hebben geluk: de rivier staat niet boven zijn normale peil en de doorwading is, mits een goede keuze van de waadplek, eenvoudig. Aan de overkant vinden we een goed, soms modderig pad dat later overgaat in een oude dirtroad. Een tweetal uurtjes uitbollen na de doorwading, staan we op de Ruta 3, het eindpunt van de tocht. Een half uurtje liften levert ons een gratis ritje terug naar Ushuaia op.
Waarschuwing
“Het staat op het internet, dus het zal wel gaan.” Het geldt niet voor deze tocht. Er staat al een vette waarschuwing in de Lonely Planet voor het gewone Circuito Valdivieso en daar moet voor onze routevariant nog een vette bovenop. Het stuk Salto del Azul – Lago Kami – Paso Valdivieso is zeer ruig berg- en bosterrein waar je als beginner niet makkelijk uitraakt. Voor de gevorderde trekker, zelfzeker, vastbesloten en een crack in oriëntatie is deze tocht om van te smullen: have fun! Wij beschikken over de volledige GPS-route, die we niet zomaar op het internet gooien, maar wel willen doormailen op aanvraag. Maar hey, hier lopen met een GPS-route betekent maar de helft van de fun (en het afzien)
Nog een finaal tipje
In de Lonely Planet wordt de route beschreven met een zeer korte eerste dag. Het is zinloos om op dag 1 slechts tot de Refugio Bonete te lopen. Vertrek wat op tijd en loop meteen tot de Salto del Azul (of daar in de buurt). Daarentegen is de laatste dag misschien wel het splitsen waard. Vroeger schreef Clem Lindenmayer bij deze tocht 7 tot 10 uur als staptijd. In de laatste versie van de LP is dat teruggebracht tot 5 en half tot 7 uur. Reken toch maar minstens op 7 uur en eventueel meer. Alleen al door recent beverwerk kan je heelwat tijd verliezen. In het bos net voor Laguna Arco Iris en meteen na de doorwading van de Rio Olivia zijn goede kampplekken te vinden.
Foto’s Deze slideshow heeft JavaScript nodig.
Geplaatst door Steven & Hanne 



