Op woensdag 19 augustus lieten we voor de laatste keer van deze vakantie het dal achter ons. Voor één keer niet te voet, maar met de kabelbaan gingen we naar het Stubaier Eisjoch, midden tussen de gletsjers van het skigebied. In de cabine hadden we een erg fijn gesprek met een plaatselijke bergwachter (een soort vrijwillige bergpolitie), onder andere over de terugtrekking van de gletsjers en over hoe intens een “bergsteiger” wel leeft. Hij vertelde ook over een ontmoeting met een arts die vertelde over het moment dat hij met pensioen ging. “Ik trok de deur van mijn praktijk met al dat dure materiaal achter me dicht en het enige dat ik kon meenemen, was datgene dat ik had beleefd,” had die gezegd. Een levensles op weg naar 3000m…
Op het menu van de dag: het vooral rustigaan doen en eventueel de Stubaier Wildspitze beklimmen. De aanloop naar die topgraat vonden we, ons in eerste instantie een weg banend door de mensenzee die bovenaan de kabelbaan in short en op sportschoenen op de gletsjer op zoek was naar een leuke dag. Bij de route op de Wildspitze die we wilden volgen stond in de gids geen aanduiding van de moeilijkheidsgraad, alleen “alpine erfahrung und tritsichheit erforderlich”. Dat pakte wel even anders uit: we stootten al snel op een stuk IIIe graads rots. Vermits we de rugzakken, met touw en al, een stukje terug hadden achtergelaten, besloten we maar om te keren. We baanden ons door het gletsjerskigebied een weg naar de Hildesheimerhütte, waar we die avond sliepen. Om toch nog maar iets te doen, deden we de nieuwe klettersteig achter de hut. Kort, maar leuk. Over de moeilijkheidsgraad kon niemand ons op voorhand iets vertellen (inclusief de huttenwirt…), maar naar eigen inschatting was het moeilijkste (korte) stukje zowat D (Oostenrijkse quotering). Over het algemeen is het waarschijnlijk een B-C klettersteig.
’s Morgens ging het om 6 uur over goed hardgevroren sneeuw en ijs richting Pfaffenjoch, Pfaffensattel en van daar verder naar de Zuckerhütl, Stubai’s hoogste berg (3500m). In ons gidsje (2006) staat dat de route over de firngraat en dan door de zuidflank niet meer wordt onderhouden en dat de klimhaken die er hier en daar zitten, niet meer worden onderhouden. “Afgeraden” stond er nog bij. Dat klopt niet meer. Deze route wordt zelfs door de gidsen meestal genomen en er zitten een paar vrij nieuwe haken in. De route is zelfs vrij goed gemarkeerd. De normaalroute (bijna helemaal over de firngraat naar de top) was zo goed als onmogelijk geworden door de terugtrekking van de onderliggende gletsjer. Het stuk door de zuidwand staat te boek als IIe graads rots. Het was voor ons een mooie klim en na het Wildspitzedebacle van gisteren de bevestiging dat IIe graad voor ons geen probleem is. De Zuckerhütl is een schitterende berg maar je moet erbijnemen dat je er niet alleen staat… De plaatselijke berggidsen slepen iedereen die een beetje in aanmerking komt en centen genoeg heeft wel naar boven… Van de Zuckerhütl ging het weer over het Pfaffensattel en direct over een geröllwand (steenslag! helm!) naar de top van de Wilder Pfaff (3458m): de 2e grote van het Stubaital. Na alweer een schitterend topmomentje, deze keer wel alleen, klommen we de O-graat (II) af naar de Müllerhütte. Belangrijk om weten is dat de klettersteig van de Pfaffennieder naar de fernerstube niet meer bestaat! Die is voor de zoveelste keer de diepte in gegaan, wist de huttenwirt ons te vertellen. Aan de Müllerhütte kwamen we ook te weten dat ’s anderendaags vanaf ’s middags een koudefront de streek zou treffen. Dat front zou ook nog de hele zaterdag voor slecht weer zorgen… We lieten het niet aan ons hart komen en genoten met volle teugen van het schitterende uitzicht aan de (overigens wel dure) hut. We borgen wel het plan om de volgende dag de Sonklarspitz, Hohes Eis en Schwarzwandspitz te klimmen, op. In de plaats daarvan zouden we direct naar de Wilder Freiger gaan en via de Lubeckerweg afdalen naar de Sulzenauhütte.
Vrijdagochtend kondigde wat ochtendrood inderdaad de komst van het koudefront aan. Wat tempo maken dus! Deels over de gletsjer, deels over de ZW-graat (II, markeringen, zeer veel kabels) klommen we vlot naar de Wilder Freiger (3418m). De 3 grote van Stubai: we did it! Terug veilig beneden geraken was nu de missie. We klommen de ZW-graat terug een stukje af en namen dan de NW-graat (II, markeringen, sporadisch staalkabel) tot punt 3144. Verder klimmen naar de Aperer freiger was verleidelijk, maar het weer veranderde duidelijk, dus verstandig was het niet. Dus kozen we voor de verdere afdaling over de fernerstube en de Lubeckerweg naar de Sulzenauhütte. Daar kregen we nog net de tijd om te genieten van een glas Almdudler en een portie Kaiserschmarren op het terras voor de hemelsluizen voor een eerste keer opengingen. De rest van de dag genoten we dan maar volop na, lazen wat tijdschriften en speelden gezelschapsspelletjes. Het plan voor de komende dagen: op zaterdag hopelijk aan de Dresdnerhütte geraken om daar zondag bij goed weer één of meerdere klettersteigen te klimmen.
Zaterdagochtend werden we tot onze verrassing wakker met zon, goed wetende dat we nog altijd onder invloed waren van een koudefront. In plaats van “snel” naar de Dresdnerhütte te lopen, kuierden we, genietend van elke zonnestraal en met veel pauzes, langs de Wilde wasserweg tot de Sulzenaugletsjer. Pas op het Beiljoch (waar een bijzonder grote collectie steenmannen staat; we hebben er zelf nog eentje bijgebouwd J), merkten we dat het weer opnieuw de verkeerde kant opging. We daalden nog een uurtje in de mist tot aan de hut en dronken nog net als de dag voordien nog iets op het terras tot de regen kwam. Die dag kwamen trouwens nog pakken mensen bij de hut aan, variërend van wat nat tot helemaal doorweekt. Wij waren blij dat we de onweders enkel hoefden te beluisteren vanop onze matras.
De weergoden hielden zich aan de voorspelling: op zondagmorgen deed de zon hard haar best om de laatste sporen van het koudefront weg te wissen en vooral: de klettersteigen op te drogen. Op het programma: de Fernau-klettersteig (D, Oostenrijkse quotering). Het bleek een zeer leuke, afwisselende steig. De Fernau Express-klettersteig (E) lieten we voor wat ze was. D Was moeilijk genoeg voor vandaag. Na een laatste middagje op het terras van de hut, daalden we ’s namiddags af naar de auto, die zoals steeds trouw op ons stond te wachten.
We genoten de rest van de dag met volle teugen na, aten uiteraard in restaurant Pfandl en sliepen uiteraard bij “ons Maria” in het Klausnerhof. Restte ons op maandag 1000 km naar huis te rijden.
Wat een vakantie…
- Hildesheimer Hütte
- Een vroege vogel ;-)
- Bij het krieken van de dag
- Wilder Pfaff en Wilder Freiger op achtergrond
- Op Zuckerhütl
- Gelukte! topfoto Zuckerhütl
- Dé Zuckerhütl
- Beklimming Wilder Pfaff
- Graat naar Müllerhütte
- Topfoto op Wilder Pfaff
- Op Wilder Pfaff met Zuckerhütl op achtergrond
- Klauteren…
- …en klimmen
- Müllerhütte CAI
- Zicht uit ons kamer
- Ongecensureerd zicht
- Geen gletsjerspleten volgens de kaart!
- Ochtendlicht
- Graat naar Wilder Freiger
- Topboeknotities op Wilder Freiger
- Op de Wilder Freiger
- Wilder Pfaff
- Alles opbergen
- Steenmannen
- Keuken van de Sulzenau Hütte
- Wild Wasser!
- Bij de gletsjerpoort
- Onze steenman op steenmannencongres op Beiljoch
- Laatste wolkensluiers vanop 2308m
































Geplaatst door ennah


























Geplaatst door ennah 














Geplaatst door ennah 