Barcelona

8 december 2009

Weekend 5-6 december 2009

6.00 Te vroeg, f**king veel te vroeg.
6.35 Regenen, nee gieten. 4°C En wind, man man man. Leve België.
7.30 Brussels South Airport, voor de gewone mens: Charleroi. Even zoeken hoe het hier zit met die nieuwe terminal. Best ’n knap ding (voor een terminal). In alle geval een hele verbetering tegenover de vorige.
9.05 “Cabin crew, seats for take-off.”
10.45 Girona Airport, met dat belachelijk geluidje dat je tegenwoordig bij Ryanair krijgt als je vliegtuig op tijd landt… De zon op onze snuit, 16°, licht briesje, genieten deel 1.

12.00 Een man die met ons op de bus zit, stapt uit en kust zijn vriend vol en lang op de mond, inclusief innige knuffel. Doodgewoon, niemand lijkt er van te schrikken. Doe dat eens in België… Even later ontstaat een stevig scheldpartijtje tussen twee Spanjaarden. De ene, bestuurder van een auto, vindt dat de andere niet snel genoeg oversteekt. Het blijft uiteraard bij woorden. Welkom in Barcelona!

12.30 Waw! Schooon! Zo tof! Steven en Hanne in een winkel van Desigual. Desigual is een Spaans, heel eigenzinnig kledingmerk dat Steven een paar jaar geleden ontdekte. “It’ not the same” oftewel “No es lo mismo” is al jaren hun leuze en dat is meer dan een reclamepraatje. Ook deze keer zouden we zo de helft van de wintercollectie kopen. Moet je weten dat wij slechts heel zelden kledij kopen (op trekking- en sportspullen na) omdat we zelden iets vinden dat we echt leuk vinden.

12.32 Super! Kijk daar! Steven en Hanne nog steeds in Desigual, Carrer Comtal. Alleen al voor de creatieve inrichting van hun winkels moet je er eens binnen. Twee minuten, langer hebben onze eigenzinnige geesten niet nodig om (weer) stapelverliefd te zijn op het hele Desigualconcept. Meteen hebben we een rode draad voor onze namiddag: we genieten ons een weg van Desigual naar Desigual. We doorkruisen kriskras de Barri Gotic, doen stukjes Rambla (ok, leuk, maar eigenlijk het meest overroepen stukje Barca) en snuiven de sfeer op in de Mercat de Boqueria om uiteindelijk aan de zee uit te komen.

16.00 Rambla del mar: de houten constructie die de Ramblas over het water verbindt met het maremagnum-shoppingcenter. We ploffen neer op een bankje met op onze snuit de zon die boven Mont Juïc haar laatste inspanningen van de dag doet. Genieten, deel 243. Voor Steven voelt geen enkel stukje stad in de hele wereld zo thuis als dit. Het berggevoel, maar dan voor heel even aan zee, zeg maar. Oorzaak: vroegere avonturen, genietmomenten en pogingen tot inhalen van slaap op dezelfde plek.

17.00 Desigual maremagnum. Als je helemaal niet van die rare kleren houdt, ga dan gewoon eens hangen in de chill-outruimte op de 2e verdieping van de winkel. Zachte beats in een gek decor, met uitzicht op de zee en in ons geval het avondrood brengen je helemaal in Barcelonatrance.

18.30 De winkels dicht? Vergeet het maar! In Barcelona wordt de helft van de inwoners pas wakker, zo lijkt het wel. De drukte verdubbelt en wordt ietwat onaangenaam (voor ons).

19.30 Gothic Point Hostel. We gaan even op zoek naar wat rust. Onze hostel lijkt best ok, al doet de geur in onze dorm ons vermoeden dat onze kamergenoten al veel nachtjes in Barcelona zijn. De berg stinkende kleren naast hun bed ook. Wel leuk geschilderd met originele details. We rusten even uit.

21.00 Back to the city. De winkels sluiten hun deuren. We nemen de metro naar de Placa d’Espanya. Ondanks dubbelchecken blijken we slecht geïnformeerd over de “Font Magica”: in de winter stoppen die (geweldig mooie) fonteinen ermee om 21.00, in plaats van te beginnen. We besluiten dan maar direct de metro naar de olympische haven te nemen.

23.00 Na wat rondhangen en gefilosofeer over hoe palmbomen uit denneappels groeien, besluiten we… Chinees te eten. We hebben daar nu eenmaal zin in. Of dat niet laat is? Nee! In Barcelona is 23.00 een heel gewoon uur om te eten.

24.00 We slenteren langs de discotheken en cafés in de buurt van de olympische haven. Wie het betere discotheekgeweld zoekt, moet hier zijn. De beats lokken ons verleidelijk naar binnen, maar ons lichaam herinnert er ons jammer genoeg aan dat we al een hele week gewerkt hebben. We zoeken uiteindelijk het strand op en wandelen geluids- en mensenloos over het zand naar Port Vell.

01.00 Barcelona never sleeps. In de Ribera en de Barri Gotic zijn langs alle kanten straatfeestjes aan de gang. De cafés zitten aardig tot over-vol. Om in België zo veel feestvolk bijeen te krijgen moet je een heus festival organiseren.

02.00 Met wat pijn in het hart, maar ook vooral in de benen en in de wetenschap dat het weekend twee dagen telt, gaan we maar slapen. Steven mijmert nog even over vroegere wilde Barcelonanachten. Er komen er nog. Ongetwijfeld.

08.45 De wekker van een kamergenoot, die al een vol kwartier afloopt, heeft iedereen wakker gemaakt, behalve de eigenaar ervan… We werken een best lekker ontbijtje naar binnen en nemen de metro naar Parc Guëll.

10.15 Het is intussen zowat 16° en het zal straks nog warmer worden. De gevoelstemperatuur ligt nog een stukje hoger. Jas en trui mogen ook even op vakantie. Parc Guëll is een samensmelting van Gaudi’s knettergekke, geniale hersenspinsels, de plaatselijke natuur en een zwoel sfeertje. De overdosis toeristen op een zondag nemen we er maar bij. Genieten, deel 452.

11.45 Hanne heeft de Sagrada Familia nog niet gezien, dus besluiten we tot daar te wandelen. Er blijken mensen te zijn die er uren aanschuiven voor over hebben om het ding van binnen te zien. Ze doen maar. Wij bewonderen de buitenkant, vinden de oude kant toch echt wel specialer dan de nieuwe en duiken de metro in…

12.30 … tot Drasanes, oftewel vlakbij de Rambla del mar. We zoeken ons net als gisteren een plekje op het nu nog veel warmere hout en peuzelen ons middagmaal op. Genieten, deel 489.

14.00 We beginnen aan het langzame afscheid en nemen de metro tot aan het busstation.

15.00 Doordat we ruim op tijd waren, staan we vlakbij de deur van de bus die ons naar Girona moet brengen. Maar ook de 150 mensen achter ons willen bijzonder graag op de eerste bus naar het vliegveld. We worden zo goed als verpletterd. In de Alpen zou de route van 2 meter voor de busdeur tot de busdeur zelf waarschijnlijk ED (extrêmement difficile) gequoteerd worden.

16.30 Steven vergeet zijn horloge uit te doen voor de veiligheidscontrole op het vliegveld. De metaaldetector vindt dat niet ok. De security-agent bekijkt Steven een halve seconde en vindt het wel ok. Het contrast met het superpunctuele veiligheidsleger in Charleroi een dag eerder, kan niet groter.

17.25 “Cabin crew, seats for take-off.” Het avondrood, de wolken en de deels besneeuwde Pyreneeën spelen lichtspelletjes met elkaar. Wij bewonderen.

19.10 (onnozel muziekje) “Ryanair, the on time-airline.” Nu nog 13 keer “thank you for…” en “It was our pleasure to …” en we mogen uit het vliegtuig.

23.00 Dicht tegen elkaar in ons lekker warme bed in herfstig België, vallen we met de glimlach in slaap. Genieten, deel 567.

Enkele sfeerbeelden:

 
 

 


Saas-Fee skistage

8 december 2009

Tijdens de herfstvakantie gingen we op technische skistage met Intersoc, onder leiding van BVSI-monitoren.

Verslag volgt later


Apotheose: de grote 3 van Stubai

26 augustus 2009

Op woensdag 19 augustus lieten we voor de laatste keer van deze vakantie het dal achter ons. Voor één keer niet te voet, maar met de kabelbaan gingen we naar het Stubaier Eisjoch, midden tussen de gletsjers van het skigebied. In de cabine hadden we een erg fijn gesprek met een plaatselijke bergwachter (een soort vrijwillige bergpolitie), onder andere over de terugtrekking van de gletsjers en over hoe intens een “bergsteiger” wel leeft. Hij vertelde ook over een ontmoeting met een arts die vertelde over het moment dat hij met pensioen ging. “Ik trok de deur van mijn praktijk met al dat dure materiaal achter me dicht en het enige dat ik kon meenemen, was datgene dat ik had beleefd,” had die gezegd. Een levensles op weg naar 3000m…

Op het menu van de dag: het vooral rustigaan doen en eventueel de Stubaier Wildspitze beklimmen. De aanloop naar die topgraat vonden we, ons in eerste instantie een weg banend door de mensenzee die bovenaan de kabelbaan in short en op sportschoenen op de gletsjer op zoek was naar een leuke dag. Bij de route op de Wildspitze die we wilden volgen stond in de gids geen aanduiding van de moeilijkheidsgraad, alleen “alpine erfahrung und tritsichheit erforderlich”. Dat pakte wel even anders uit: we stootten al snel op een stuk IIIe graads rots. Vermits we de rugzakken, met touw en al, een stukje terug hadden achtergelaten, besloten we maar om te keren. We baanden ons door het gletsjerskigebied een weg naar de Hildesheimerhütte, waar we die avond sliepen. Om toch nog maar iets te doen, deden we de nieuwe klettersteig achter de hut. Kort, maar leuk. Over de moeilijkheidsgraad kon niemand ons op voorhand iets vertellen (inclusief de huttenwirt…), maar naar eigen inschatting was het moeilijkste (korte) stukje zowat D (Oostenrijkse quotering). Over het algemeen is het waarschijnlijk een B-C klettersteig.

’s Morgens ging het om 6 uur over goed hardgevroren sneeuw en ijs richting Pfaffenjoch, Pfaffensattel en van daar verder naar de Zuckerhütl, Stubai’s hoogste berg (3500m). In ons gidsje (2006) staat dat de route over de firngraat en dan door de zuidflank niet meer wordt onderhouden en dat de klimhaken die er hier en daar zitten, niet meer worden onderhouden. “Afgeraden” stond er nog bij. Dat klopt niet meer. Deze route wordt zelfs door de gidsen meestal genomen en er zitten een paar vrij nieuwe haken in. De route is zelfs vrij goed gemarkeerd. De normaalroute (bijna helemaal over de firngraat naar de top) was zo goed als onmogelijk geworden door de terugtrekking van de onderliggende gletsjer. Het stuk door de zuidwand staat te boek als IIe graads rots. Het was voor ons een mooie klim en na het Wildspitzedebacle van gisteren de bevestiging dat IIe graad voor ons geen probleem is. De Zuckerhütl is een schitterende berg maar je moet erbijnemen dat je er niet alleen staat… De plaatselijke berggidsen slepen iedereen die een beetje in aanmerking komt en centen genoeg heeft wel naar boven… Van de Zuckerhütl ging het weer over het Pfaffensattel en direct over een geröllwand (steenslag! helm!) naar de top van de Wilder Pfaff (3458m): de 2e grote van het Stubaital. Na alweer een schitterend topmomentje, deze keer wel alleen, klommen we de O-graat (II) af naar de Müllerhütte. Belangrijk om weten is dat de klettersteig van de Pfaffennieder naar de fernerstube niet meer bestaat! Die is voor de zoveelste keer de diepte in gegaan, wist de huttenwirt ons te vertellen. Aan de Müllerhütte kwamen we ook te weten dat ’s anderendaags vanaf ’s middags een koudefront de streek zou treffen. Dat front zou ook nog de hele zaterdag voor slecht weer zorgen… We lieten het niet aan ons hart komen en genoten met volle teugen van het schitterende uitzicht aan de (overigens wel dure) hut. We borgen wel het plan om de volgende dag de Sonklarspitz, Hohes Eis en Schwarzwandspitz te klimmen, op. In de plaats daarvan zouden we direct naar de Wilder Freiger gaan en via de Lubeckerweg afdalen naar de Sulzenauhütte.

Vrijdagochtend kondigde wat ochtendrood inderdaad de komst van het koudefront aan. Wat tempo maken dus! Deels over de gletsjer, deels over de ZW-graat (II, markeringen, zeer veel kabels) klommen we vlot naar de Wilder Freiger (3418m). De 3 grote van Stubai: we did it! Terug veilig beneden geraken was nu de missie. We klommen de ZW-graat terug een stukje af en namen dan de NW-graat (II, markeringen, sporadisch staalkabel) tot punt 3144. Verder klimmen naar de Aperer freiger was verleidelijk, maar het weer veranderde duidelijk, dus verstandig was het niet. Dus kozen we voor de verdere afdaling over de fernerstube en de Lubeckerweg naar de Sulzenauhütte. Daar kregen we nog net de tijd om te genieten van een glas Almdudler en een portie Kaiserschmarren op het terras voor de hemelsluizen voor een eerste keer opengingen. De rest van de dag genoten we dan maar volop na, lazen wat tijdschriften en speelden gezelschapsspelletjes. Het plan voor de komende dagen: op zaterdag hopelijk aan de Dresdnerhütte geraken om daar zondag bij goed weer één of meerdere klettersteigen te klimmen.

Zaterdagochtend werden we tot onze verrassing wakker met zon, goed wetende dat we nog altijd onder invloed waren van een koudefront. In plaats van “snel” naar de Dresdnerhütte te lopen, kuierden we, genietend van elke zonnestraal en met veel pauzes, langs de Wilde wasserweg tot de Sulzenaugletsjer. Pas op het Beiljoch (waar een bijzonder grote collectie steenmannen staat; we hebben er zelf nog eentje bijgebouwd J), merkten we dat het weer opnieuw de verkeerde kant opging. We daalden nog een uurtje in de mist tot aan de hut en dronken nog net als de dag voordien nog iets op het terras tot de regen kwam. Die dag kwamen trouwens nog pakken mensen bij de hut aan, variërend van wat nat tot helemaal doorweekt. Wij waren blij dat we de onweders enkel hoefden te beluisteren vanop onze matras.

De weergoden hielden zich aan de voorspelling: op zondagmorgen deed de zon hard haar best om de laatste sporen van het koudefront weg te wissen en vooral: de klettersteigen op te drogen. Op het programma: de Fernau-klettersteig (D, Oostenrijkse quotering). Het bleek een zeer leuke, afwisselende steig. De Fernau Express-klettersteig (E) lieten we voor wat ze was. D Was moeilijk genoeg voor vandaag. Na een laatste middagje op het terras van de hut, daalden we ’s namiddags af naar de auto, die zoals steeds trouw op ons stond te wachten.

We genoten de rest van de dag met volle teugen na, aten uiteraard in restaurant Pfandl en sliepen uiteraard bij “ons Maria” in het Klausnerhof. Restte ons op maandag 1000 km naar huis te rijden. 

Wat een vakantie…